Bewegend ontwikkelen – Sportief je jeugd door

Bewegend ontwikkelen, dat brengt veel voordelen met zich mee. Jouw kind leert samenwerken, respect tonen naar anderen en ontwikkelt zichzelf fysiek en mentaal. Maar hoeveel moet jouw kind bewegen op school, op de sportvereniging en thuis? En hoe kun jij hem of haar daar in aansturen? Kom erachter in deze longread! Kijk in het koppie van een kind zelf, leer hoe andere ouders hun kind sportend opvoeden en laat jouw vraagstukken oplossen door een sportpedagoog.

HOOFDSTUK 1

Mijn sportende jeugd

Sport heeft mij gemaakt tot wie ik nu ben. Dat klinkt cliché, maar het is wel waar. Toen ik vier jaar was werd ik lid van korfbalvereniging Hoger Op. Ik wilde niets liever, want mijn grote broer en zus zaten al op deze club. Hierdoor was ik al vaak met een bal in mijn handen op het veld te vinden. Ik begon in de kangoeroes en toen ik zes jaar was mocht ik wedstrijden gaan spelen. Of het komt door de verhalen die mij zijn verteld of door een enorm goed geheugen weet ik niet, maar ik zie mijn eerste wedstrijd nog zo voor me. Ik leefde hier al dagen naar uit. De wedstrijd won ik samen met mijn teamgenoten met 1-0, en die ene goal had ik door de korf gegooid.

Sporten is onwijs belangrijk voor de ontwikkeling van kinderen. Ik kon zelf altijd mijn ei kwijt tijdens het sporten. Tijdens de korfbaltraining, tijdens gym op school of tijdens een potje voetbal op het plein met de buurtkinderen. Als ik maar lekker kon bewegen was alles goed. Dat ik al van kleins af aan op een teamsport zit, heeft veel voordelen met zich meegebracht. Ten eerste leer je samenwerken. Ik moest er samen met mijn teamgenoten voor zorgen dat de bal door de korf zou vallen. Al deed ik dat vroeger maar al te graag zelf, als er iemand anders beter vrijstond speelde ik de bal naar hem of haar af zodat diegene kon schieten. Op deze manier leerde ik het om andere kinderen iets te gunnen.

Nog een belangrijk deel van sporten is het eerlijke of soms oneerlijke verloop. Bij elke teamsport staat er een extra man of vrouw in het veld, luisterend naar de naam scheidsrechter. Elke sport heeft regels en hier moet je je aan houden. Bij korfbal is het zo dat hoe ouder je wordt, hoe meer regels er aan het spel verbonden zijn. Tijdens trainen leer je deze regels, maar ze toepassen in de wedstrijd is een ander verhaal. Ik leerde de regels steeds beter te begrijpen, maar ik was pittige tante vroeger. Als ik het ergens niet mee eens was durfde ik zeker mijn mond open te trekken. Maar naarmate ik langer korfbalde leerde ik dat de scheidsrechter altijd gelijk had. En had hij geen gelijk, dan moest ik maar doen alsof, zoals mijn opa dat altijd zei. Ik leerde de scheidsrechter te respecteren en dit lijkt me erg belangrijk bij jonge kinderen. Respect tonen naar anderen.

Omdat ik sporten vroeger zo leuk vond en echt goede herinneringen heb aan jeugdtrainers die elke week weer een leuke en leerzame training voor mij en mijn teamgenoten hadden bedacht, ben ik zelf ook jeugdtrainer geworden. Ik begon op mijn dertiende samen met Frank, een ervaren trainer. Hij heeft mij veel geleerd, qua korfbaloefeningen voor de jeugd maar ook hoe je kids kunt motiveren. Want niet iedereen vindt sporten even leuk, maar toch wilde ik de training leuk maken voor iedereen. Ik stopte al mijn enthousiasme in de trainingen en in het coachen. Wat ik de kinderen mee wilde brengen? Meedoen is belangrijker dan winnen. Ook weer zo’n cliché. Maar ook weer zó waar.

Ik kan iedereen aanraden om zijn of haar kind al vroeg lid te maken van een sportvereniging. Sporten is niet alleen goed voor de fysieke en mentale gezondheid van uw kind, maar het brengt zo veel meer voordelen met zich mee. Ik heb persoonlijk een groot deel van mijn vriendenkring op de club leren kennen en sta nog steeds met veel plezier vier keer per week op het korfbalveld. Twee dagen geef ik trainen, waarna ik een uur later mijzelf sta uit te sloven op het veld. En het weekend draait ook om korfbal. Op zaterdag coach ik mijn toppers en op zondag strijd ik zelf voor de wint. Dat die kleintjes van nu er maar net zo veel plezier inhouden als dat ik altijd heb gedaan!

Foto korfbal furore

Sporten heeft mij dus veel moois gebracht. Ben je benieuwd waarom sporten gelukkig maakt? Gezondnu heeft het op een rijtje gezet, lees het hier.

HOOFDSTUK 2

‘Door te sporten werken kinderen spelenderwijs aan hun competenties.’

Tessa Blom (43) heeft veel werkervaring als sportpedagoog. Zij geeft diverse gedragstrainingen aan kinderen, docenten en ouders/verzorgers en gebruikt daarbij sport als hoofdingrediënt. Daarnaast heeft zij Sportpedagoog opgericht. Hierbij helpt zij, samen met drie andere sportpedagogen, besturen, coaches, trainers, spelers en ouders van spelers van verenigingen om een veilig pedagogisch sportklimaat te creëren. Door haar vele werkervaring is zij erachter gekomen hoe goed het is voor de ontwikkeling van kinderen om te sporten en te bewegen.

Aan welke competenties werken kinderen tijdens het sporten?
‘Ik geef samen met drie collega’s gedragstrainingen op basisscholen en middelbare scholen. Hierbij willen we kinderen door middel van sport duidelijk maken hoe zij zich goed kunnen gedragen. Wij brengen ze tijdens deze trainingen bij hoe ze minder snel boos kunnen worden, hoe ze meer zelfvertrouwen krijgen en laten ze zien hoe belangrijk samenwerken is. Dit kun je namelijk goed illustreren door te sporten. Tijdens de training leren zij ook verschillende vaardigheden, om te gaan met frustratie en anderen te tolereren. Dit zijn competenties die kinderen tijdens het sporten ontwikkelen. Door deze competenties te ontwikkelen, zullen de kinderen ook meer plezier halen uit het sporten.’

Samenwerken is heel belangrijk voor de ontwikkeling van kinderen, maar hoe leer je kinderen om samen te werken?
‘Tijdens trainingen werken we aan de groepsdynamiek van klassen of teams door middel van samenwerkingsoefeningen en oefeningen uit Rots & Water. Dat is een psychofysieke training waarbij de focus ligt op het vergroten van communicatie- en sociale vaardigheden. Met deze oefeningen maken wij ieder individu ervan bewust wat ze willen bereiken en hoe ze dat willen bereiken. Dat klinkt heel suf als je het op deze manier vraagt, zeker voor kinderen. Daarom koppelen we dit aan sportoefeningen. Zo stelde een jongen uit groep vijf laatst het doel om de bal te raken in het doel vanaf de andere kant van de zaal, zonder te lopen. Om dit te bereiken moest hij samenwerken met klasgenoten. Ik gaf hem de opdracht hardop te vertellen hoe hij dacht zijn doel te bereiken en vervolgens mocht hij dit uitvoeren. Hij had meteen door dat hij zijn klasgenoten nodig had en moest gaan samenwerken om zijn doel te bereiken. Door het beeldend te maken is de boodschap voor iedereen duidelijk, ongeacht het niveau.’

Spelen ouders en verzorgers een grote rol bij het spelend ontwikkelen van hun kind?
‘Ouders en/of verzorgers zijn ongelofelijk belangrijk bij het bewegend ontwikkelen van kinderen. Daarom geven wij naast aan besturen, docenten, coaches, trainers en spelers van sportverenigingen ook trainingen aan de ouders van spelers. We vertellen hen aan welke doelen we gaan werken bij hun kinderen. Hierdoor raken ouders zich ervan bewust wat er belangrijk is om te ontwikkelen bij hun kinderen. Wat echt van belang is voor ouders om te weten, is dat zij niet te veel druk op de schouders moeten leggen van hun kinderen. In plaats daarvan leren wij hen hoe je je kinderen positief kunt stimuleren tijdens het sporten. Als voorbeeld laten wij hen een rij simpele sommetjes zien waarvan één som expres fout is. Hieruit blijkt vaak dat de ouders zich heel snel focussen op de som die niet goed is. Samen met de ouders bedenken wij dan dat het belangrijk is om het accent juist op de goede sommen te leggen. Dus als je dit omtovert naar de praktijk; focus je als ouder niet alleen op wat fout gaat, maar juist op wat goed gaat.’

In hoeverre kunt u als sportpedagoog bijdragen aan de ontwikkeling van kinderen?
‘Ik kan kinderen goed bereiken met mijn trainingen. Zij zijn eigenlijk onbewust bezig met het verbreden en verbeteren van hun competenties. De meeste kinderen doen enthousiast mee en hebben veel plezier tijdens onze coaching-sessies. Ik heb ook veel positieve reacties gehad van verenigingen welk ik heb mogen helpen het pedagogisch sportklimaat te verbeteren. Er zijn zoveel factoren die meespelen om dit sportklimaat echt veilig te maken. En uiteindelijk doen ze het allemaal voor de jeugd. Met mijn ervaring met coaching durf ik dus zeker te zeggen dat ik bijdraag aan de ontwikkeling van kinderen. Maar veruit de belangrijkste rol hierin zijn de ouders en verzorgers. Zij maken het verschil. Onthoud dus goed; Dat wat je aandacht geeft wordt vergroot.’

Als ouders is het dus belangrijk om je positief op te stellen en je te focussen op wat goed gaat, niet wat op slecht gaat. Victor Mids is illusionist en weet als geen ander hoe positiviteit en negativiteit onbewust invloed hebben op de prestaties. In deze video laat hij dit zien aan de hand van een experiment:

HOOFDSTUK 3

Bewegen kinderen genoeg?

Infographic sporten kinderen

Afbeeldingen op de infographic komen van:

<a href=”https://nl.freepik.com/vrije-foto-vectoren/mensen”>Mensen vector gemaakt door brgfx – nl.freepik.com</a><a href=”https://nl.freepik.com/vrije-foto-vectoren/kinderen”>Kinderen vector gemaakt door brgfx – nl.freepik.com</a>
<a href=”https://nl.freepik.com/vrije-foto-vectoren/achtergrond”>Achtergrond vector gemaakt door brgfx – nl.freepik.com</a>
<a href=’https://www.freepik.com/free-photos-vectors/sport’>Sport vector created by rocketpixel – www.freepik.com</a>

HOOFDSTUK 5

‘Maar ik vertelde haar dat zij ook een teamsport moest kiezen’

Monique de wildt (53) heeft twee dochters en één zoon. Ze heeft jarenlang gehockeyd en is nu vice-voorzitter van de hockeyclub in haar dorp. Monique vindt het belangrijk dat haar kinderen sporten. ‘Helaas had hij er na vier jaar geen plezier in meer in.’

‘Sporten en bewegen vind ik ontzettend belangrijk. Ik wilde er vroeger altijd voor zorgen dat mijn kinderen vaak buitenspeelden en dat we regelmatig een stuk gingen fietsen. En dit lukte goed. Maar daarnaast wilde ik ook een constante sportfactor in het leven van mijn kinderen. Daarom wilde ik dat mijn twee dochters Judit en Naomi en mijn zoon een sport zouden beoefenen zodra zij hier oud genoeg voor waren. Dit is natuurlijk goed voor hun gezondheid, maar ik had hier meer redenen voor. Ik ben zelf van jongs af aan lid van de hockeyclub uit mijn dorp. Ondertussen ben ik geen spelend lid meer, maar ik zet mij nog graag in als vrijwilliger voor de club. Op mijn hockeyclub heb ik een groot deel van mijn vrienden leren kennen. Naast dat je tijdens het sporten leert om samen te werken en respect te tonen naar anderen, hebben veel sportclubs activiteiten buiten het sporten om. Zo leren kinderen omgaan in een groep. Ik wilde daarom het liefst dat mijn kinderen een teamsport zouden uitkiezen, zodat zij zich ook op sociaal vlak zouden ontwikkelen.’

‘Nadat mijn oudste dochter, die inmiddels 26 is, haar zwemdiploma had behaald, mocht zij een nieuwe sport kiezen. In eerst instantie wilde ze dat niet. Judit is altijd erg verlegen geweest en durfde zich niet zomaar te mengen in de groep. Uiteindelijk zei ze: ‘Mama, ik wil wel op dammen.’ Daar is natuurlijk niets mis mee, maar ik vertelde haar dat zij ook een teamsport moest kiezen. Aangezien ze niet kon kiezen heb ik haar lid gemaakt van de hockeyclub. Ik wist zelf hoe fijn de sfeer hier was en heb zelf natuurlijk affiniteit met deze sport. Uiteindelijk is Judit niet meer op dammen gegaan, omdat zij zich al snel thuis voelde op het hockeyveld. In haar team viel ze goed in de groep en ze voelde zich veilig. Judit speelt nu nog steeds in het eerste en heeft een grote vriendengroep op de club. Mijn dochter staat nu voor de klas en is onwijs sociaal geworden. Ik kan natuurlijk niet bewijzen dat dit door hockey komt, maar dat dit een grote bijdrage heeft geleverd weet ik zeker.’

‘Mijn zoon riep altijd: ‘Als ik mijn zwemdiploma heb ga ik op voetbal.’ Echter wilde hij uit het niets op hockey toen het echt zo ver was. Zijn buurjongen zat hier namelijk ook op en dat leek hem wel gezellig. Tobias ging dus op zijn zesde hockeyen en werd ook echt een goede hockeyer. Helaas had hij er na vier jaar geen plezier in meer in. Hij ging met tegenzin naar trainen en zei dat hij op voetbal wilde. Dit vond ik geen probleem, ik wil dat mijn kinderen doen wat zij ook daadwerkelijk leuk vinden om te doen. Echter wilde ik wel dat hij het seizoen af zou maken. Ik vind dit belangrijk omdat het voor verenigingen lastig is als er midden in het seizoen verschuivingen moeten plaatsvinden binnen teams. Maar Tobias is en was een drukke jongen en gedroeg zich zo uitgelaten op de trainingen, dat de trainer zei: ‘Monique, haal hem er maar af, want dit wordt niks meer.’ Op de voetbalclub ontpopte Tobias zich. Hij kreeg er plezier in om naar trainen te gaan en maakte veel nieuwe vriendjes. Hieruit blijkt dat het echt belangrijk is dat een kind een sport uitoefent die hij of zij echt leuk vindt om te doen.’

‘Naomi is zowat geboren op het hockeyveld. Ik heb een lange tijd trainen gegeven en nam haar dan altijd mee. De trainer van de welpen, de jongste kinderen die nog geen wedstrijden spelen, zei dat Naomi wel mocht meetrainen als ze er toch was. Ze was eigenlijk nog twee jaar te jong, maar voelde zich er als een vis in het water. Naomi heeft dus eigenlijk nooit hardop haar keuze van sport uitgesproken, zij is zo de hockeywereld ingerold. Naomi had heel veel plezier in het sporten en was ook erg sportief. Het liefste wilde zij ook nog op atletiek, tennis en voetbal. Maar hockey was en is echt haar passie. Bij sportclubs worden kinderen, naast niveau, natuurlijk ingedeeld op leeftijd. Naomi hing altijd net tussen de leeftijden in, waardoor zij ieder jaar een ander team had. Elk jaar was het stressen of zij wel in een leuk team zou komen. Uiteindelijk is elk jaar een leuk jaar geweest, omdat zij er het beste van maakte. In ieder team viel zij goed in de groep en maakte ze er ondanks dat ze het liever anders had gezien een top jaar van. Op dit moment speelt Naomi samen met haar zus in de selectie. Het is zo leuk om die meiden samen in het veld te zien staan. Zeker toen Naomi haar debuut maakte in het eerste, waar Judit al inzat.’

‘Ik stond bijna iedere wedstrijd langs de kant. Heel bewust lette ik niet op de manier waarop ik mijn kinderen aanmoedigde, maar over het algemeen motiveer ik hen op een positieve manier. Dat mijn twee dochters nu op hoog niveau spelen vind ik leuk om naar te kijken, maar ik kan net zo goed genieten van een voetbalwedstrijd van mijn zoon, die op dit moment in de kelderklasse speelt. Het draait niet om het niveau, maar om het plezier dat kinderen hebben in het sporten. Dit zie je maar aan mijn zoon, die een stuk beter in zijn vel zit sinds hij van hockey naar voetbal is geswitcht.’

In het boek ‘Goud in ieder kind’ legt auteur Henk van der Palen dat de focus op ‘winnen’ bij veel coaches en ouders groter is dan de focus op groei en ontwikkeling en dat is niet de bedoeling. Drie pijlers komen aan bod: de bewuste overdracht van normen en waarden, een motiverend leerklimaat en tijdig grenzen stellen. Het boek vertelt: in ieder kind zit goed! Ben je nieuwsgierig geraakt? Het boek is onder andere te bestellen via bol.com.

HOOFDSTUK 5

Eén euro als je scoort

Ik was zeven jaar toen ik in de E1 zat. Er zaten twee jongens bij mij in het team, die van hun ouders een euro kregen voor elke goal die ze maakten. Vroeger was ik daar jaloers op. Maar nu weet ik wel beter. Geld geven aan je kinderen als ze scoren? Dat lijkt me geen goed motivatie. Als je zoon alleen maar blij is als hij scoort omdat hij dan zijn spaarvarken kan vullen en je dochter baalt omdat ze niet heeft gescoord ondanks dat ze gewonnen heeft, ben je niet goed bezig. Dit lijkt me geen goede basis voor een plezierige sportcarrière.

Té fanatieke sportouders, er staan er altijd wel een paar langs de lijn. Mijn ouders zijn ook fanatieke sportouders. Ze zijn erg betrokken bij de club en stonden vroeger elke zaterdag tussen het publiek tijdens mijn korfbalwedstrijd. Als mijn moeder weer eens iets riep, kon ik mij hier best voor schamen. ‘Maham, wees nou eens stil’, zei ik vaak zeurderig na de wedstrijd. En dat terwijl mijn moeder echt geen vervelende dingen roept. Nu vind ik het alleen maar leuk dat zij fanatiek meeklapt en juicht langs de lijn. Maar vroeger vond ik het al snel gênant. Hieruit blijkt maar dat kinderen het snel persoonlijk opvatten als er iets wordt geroepen. Zij zijn bezig met de wedstrijd en hebben helemaal geen behoefte aan ouders die hen vertellen wat ze moeten doen. Daar hebben ze een coach voor. Juichen en klappen langs de kant is natuurlijk wel altijd goed.

Vroeger was het programma ‘Heibel langs de lijn’ op de televisie. Hierin werden té fanatieke ouders gefilmd langs de lijn van het sportveld gefilmd en werden later met de beelden geconfronteerd. De ouders waren opgegeven door hun eigen kind. Vroeger kon ik hier echt om lachen, maar ik heb het programma laatst teruggekeken. Ik schrok echt van de woorden die uit de monden van de sportouders kwamen. Ouders hebben geen idee wat voor impact hun geschreeuw heeft op hun kind. Tijdens de confrontatie waren ze dan ook echt verbaasd. Ze willen hun kind beter maken, maar ze remmen zijn of haar talent alleen maar af met hun negativiteit.

Naar mijn mening is het dus beter om je kinderen op een positieve manier te motiveren. Ik las laatst in een artikel van De monitor, geschreven door Saskia Adrianes, dat de meeste ouders de verkeerde vraag stellen aan hun zoon of dochter. Na een wedstrijd krijgen zij meestal de vraag: ‘En heb je gewonnen?’ te horen. Als je nou in plaats daarvan vraagt ‘Heb je lekker gespeeld?’, is een groot deel van het probleem al opgelost. Het moet over het plezier gaan en niet over de prestatie. Denk dus goed na bij wat je zegt. Help je kind een plezierige sporttijd tegemoet te gaan.

In het Zapp programma ‘Heibel langs de lijn’ confronteren kinderen hun schreeuwende en te fanatieke ouders met hun gedrag langs de lijn. Het programma laat goed zien wat deze verkeerde manier van motivatie doet met kinderen. Daarnaast laat het zien dat veel ouders zich er niet eens bewust van zijn dat zij te fanatiek zijn. De afleveringen zijn hier terug te kijken.

Veel ouders denken dat zij niet te fanatiek zijn, maar dit kan vaak tegenvallen. Zo ook bij Esther Pardijs, wiens zoon op negenjarige leeftijd wordt toegelaten tot de KNGU selectie. Esther voelt competitiedrang, trots, jaloezie en afgunst. Zij komt vaak voor lastige dilemma’s te staan. Is een sportcarrière daadwerkelijk belangrijker dan een sociaal leven voor haar kind? Esther besloot een documentaire te maken over haar en haar zoon Roman. In de documentaire is goed te zien hoe het voor Roman is dat zijn moeder doorslaat in fanatisme. Bekijk de 19 minuten lang durende documentaire ‘Turn!’ hier. In onderstaande video krijg je alvast een voorproefje van de documentaire.

HOOFDSTUK 6

Voldoende beweging thuis

Sporten en bewegen draagt bij aan de ontwikkeling van uw kind. Maar dat uw kind niet altijd zin heeft om te sporten, is meer dan logisch. Maar bewegen kan op een leuke en spelende manier. Inspiratie nodig? Hier vind je 5 tips om het thuis sporten leuk te maken voor uw kind.

TIP 1: MAAK EEN HINDERNISBAAN

Heeft uw zoon of dochter even geen zin om wéér tikkertje te spelen, kom dan met iets creatiefs. Maak buiten of binnen een hindernisbaan. Dit hoeft niet moeilijk te zijn, gebruik de bank, stoelen of simpelweg de glijbaan en de schommel in de speeltuin. Je kunt er een spel van maken, om van hindernis naar hindernis te gaan zonder de grond te raken. De vloer is dus lava, zoals de kinderen dat tegenwoordig noemen.

Kinderen buitenspelen

TIP 2: BEKIJK EN DOE MEE MET WORK OUT VIDEO’S SPECIAAL VOOR KINDEREN

Work out video’s. Veel jongeren en volwassenen gebruiken ze om het thuissporten makkelijker te maken. Doordat iemand de oefeningen voordoet en je aanmoedigt, raak je gemotiveerd. Zeker nu de sportscholen dicht zijn en sportclubs lange tijd niemand mochten ontvangen door de coronacrisis, zijn work out video’s hot geworden. Ook Zappsport ging mee met deze trend en maakte sportvideo’s, speciaal voor kinderen! In de sportvideo’s doen Nathan Rutjes en zijn zoon Lavezzi de oefeningen voor. Zij maken er echt wat leuks van voor de kids, en moedigen ze gedurende de hele work out aan. Raakt uw kind nou niet uitgekeken. Zoek op YouTube naar ‘Work out video’s kinderen’ en er staan heel veel video’s voor u klaar. Sporten maar!

TIP 3: PAK EN BAL EN STOEPKRIJT EN GA NAAR BUITEN

Buitenpelen met een bal kan natuurlijk altijd. Maar als uw kind er al drie potjes voetbal op heeft zitten wil hij of zij misschien iets anders. Met stoepkrijt kunt u leuke spellen verzinnen. Zoek bijvoorbeeld een muurtje op en teken met stoepkrijt grote cirkels. In elke cirkel staat hoeveel punten het waard is. Schiet of gooi dan vanaf een afstandje met een bal en probeer de cirkels te raken. Wie haalt de meeste punten?!

Stoepkrijt kinderen 

TIP 4: GA SKEELEREN, STEPPEN OF WAVEBOARDEN

Skeeleren, steppen, waveboarden, skateboarden. Er zijn zoveel manieren om je van plek A naar B te brengen. Wil jij een rondje gaan fietsen? Laat je kind meegaan op één van deze ‘voertuigen’. Misschien kun je eens ruilen met de buren. Zo probeert je kind weer eens wat nieuws uit en is hij of zij lekker in beweging. Win-win situatie!

kinderen buitenspelen waveboard

TIP 5: DANS ER OP LOS

Houdt uw kind ervan om te dansen? Just dance is dé oplossing. Uw kind is lekker in beweging en kan de liedjes uitkiezen die hij of zijn leuk vindt. Just dance is oorspronkelijk een spel op de Wii. Heeft u geen Wii? Geen zorgen, op YouTube zijn alle dansjes te vinden op het Just dance YouTube-kanaal. Doe de poppetjes op het scherm na en dans de sterren van de hemel.

HOOFDSTUK 7

Meer informatie over sporten en bewegen bij kinderen?

Het is wel duidelijk dat sporten en bewegen een positieve invloed hebben op de ontwikkeling van kinderen. Het draagt bij aan de mentale en fysieke gezondheid.

  • Lees in dit blog nog één keer de zeven redenen om je kind te laten sporten.
  • Als ouder heb je een belangrijke rol in het motiveren van je kind. En motivatie is belangrijk bij sport. Lees hier hoe je je kind op een goede manier kunt motiveren om te sporten.
  • Ben je ervan overtuigd dat sporten goed is voor je kind, maar weet je nog niet precies op welke manier en hoe vaak? De gezondheidsraad heeft de beweegrichtlijnen op een rijtje gezet. Handig om even te checken. Lees ze hier.
  • Wil jij jouw kind motiveren om te sporten? In deze video wordt speciaal voor kinderen uitgelegd waarom sporten zo goed voor je is. Wellicht een goed idee om aan jouw kind te laten zien!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *